Foto: Foto:
Huub

Wethouder

  Column

Harrie van Dijk is niet te benijden. Vroeger stond hij lekker voor de klas. Kinderen en ouders waren dol op hem. Nu is hij wethouder en hij zegt dat hij dat ook erg leuk vind, maar ik heb mijn twijfels. Harrie wil het graag voor iedereen goed doen en dat kan in de politiek niet. Zo kreeg hij al eens de wind van voren omdat hij de bestuurder is die namens het college moet vertellen dat het nieuwe, dure Huis van de Stad er echt moet komen. En nu ligt hij weer onder vuur omdat er wordt getwijfeld aan de veiligheid van de rubberkorrels waarmee de gemeentelijke kunstgrasvelden worden bestrooid.

Ouders willen het beste voor hun kind. Voetbalverenigingen willen het beste voor hun leden. En oppositiepartijen gaan daarin mee. Harrie van Dijk wil natuurlijk ook het beste, maar hij moet daarnaast terdege rekening houden met de beperking van de gemeentelijke huishoudportemonnee.

Het RIVM en de GGD hebben inmiddels aangegeven dat de rubberen korrels veilig zijn. 'Ja maar, die instanties kunnen ook fouten maken', zeggen de mensen die een veiliger en duurder alternatief voorstaan. En dat klopt. Ook bij het RIVM, het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, en bij de GGD werken mensen en mensen maken fouten. Maar als wethouder moet je je wel ergens op kunnen baseren. Het is niet zo dat honderden wetenschappelijke onderzoeken het tegendeel van de uitspraken van RIVM en GGD onderuit halen en dat Harrie van Dijk met een loupe in de wetenschappelijke literatuur is gedoken om zijn gelijk te bewijzen.

Een wethouder moet soms kiezen voor een oplossing die misschien niet het allerbeste, maar die aan de andere kant wel degelijk te verantwoorden is. En dus zal hij wel weer geconfronteerd worden met boze ouders, verenigingen en oppositiepartijen. Hij is niet te benijden.

Huub

Meer berichten